Vereniging voor Watertoerisme "Schelde", Prins Hendrikweg 4, 4382 NS, Vlissingen, tel: 0118-465912

26e Duotocht 2004
 Verslag geschreven door Martien Oerlemans, maat op de Ajangada

 

 

Dag 1: Kanaal door Walcheren (zuinig met de motor).

Voor mij is het de eerste keer dat ik mee doe aan de Duotocht. Ik heb me moeilijk voor kunnen bereiden, of beter gezegd, ik weet me niet voor te bereiden. Ik ga van een zware vergadering in ’s Hertogenbosch de auto in en ben een kleine twee uur later in Vlissingen. Sjaak heeft de koffie al klaar. Ik ontspan en verwacht een paar heerlijke dagen zeilen

Nadat we de zeilaanwijzingen in ontvangst genomen hebben zijn wij snel klaar met onze keuze. Aangezien Blankenberge met deze windverwachting geen optie is en Paal niet voor of na Ellewoutsdijk aangelopen mag worden zijn alle overige havens verplicht. Het tij op de Westerschelde loopt uit dus: naar het Veerse Meer. Dat is heel bekend vaarwater, goede overnachtingsplaatsen en ook een goed uitgangspunt voor de komende dagen. Ellewoutsdijk doen wij op het laatst en kunnen daarna direct door naar Vlissingen.

Na het vertrek om ongeveer half zes gaan we op ons gemak met bijna alle deelnemers door het kanaal. We zeilen alleen op de fok. Ondertussen heeft Sjaak op basis van zijn jarenlange zeilervaring een “chicken tonight” gebrouwen. Na Middelburg zakt de wind nog wat verder weg, maar rustig zeilend op de fok en grootzeil lopen we lekker richting Veere. Wij willen nog zo min mogelijke motorminuten. De helft van de deelnemers verdwijnt uit het zicht voor ons (de onderwaterzeilen aan), de andere helft laten we achter ons.

In Veere wordt het al donker. Nadat we om half negen gezamenlijk met een aantal andere deelnemers geschut zijn gaan we het Veerse meer op. Bekend terrein dus dat gaat goed komen. Bovenlangs de platen richting Oranjeplaat. Al snel blijkt dat de Ajangada veel snelheid maakt en dat dus in het donker de boeien ook twee keer zo snel op je afkomen. Dat vraag veel concentratie bij het navigeren en uitkijken.

Om halftien varen we de haven van Oranjeplaat in en meren naast de Lila Olifant af. Wij zijn van plan nog verder te gaan, maar nadat de kaart gepost is vinden wij eigenlijk dat geen goed idee meer. De wind is ver weg en waarschijnlijk kunnen we morgen meer mijlen maken, en kunnen ook redelijk op tijd weer op.

De Xtreme vaart de haven in. Zij komen later aan in de haven maar zijn sneller bij de bus. Zij kennen de haven en zijn beduidend verder de kom ingevaren. Daar zitten dus ook winstmogelijkheden.

Sjaak schenkt een borrel in en we discussiëren nog over de te volgen strategie. Met de windverwachting (4 tot 5) en de richting kunnen we het beste elke plaats die bezeilbaar is achtereenvolgens aanlopen, inclusief de boeien.

Dag 2. Tempo, tempo, tempo.

Het is even wennen de eerste nacht aan boord, de ruimte is niet gigantisch, maar voordat dat goed tot me doorgedrongen is blijkt het alweer 5.30 uur. Goed geslapen.

Lekkere hete thee om wakker te worden. Dat lukt me moeizaam. Koffie werkt bij mij veel beter, maar ik weet ook dat als het maar een beetje golft ik problemen krijg. Dan toch maar thee.

We zijn krap na zes de haven uit. Het is nog flink donker en we proberen het geultje meer op ons gevoel uit te varen dan iets anders. Het lukt prima en richting Zandkreeksluis is het bezeild. Alleen op de fok lopen we tussen de 6 en 7 knopen, hard genoeg in het donker. Soms moeten we flink knijpen en we zien ook naarmate het lichter wordt (wat een mooie zonsopgang) de Lila Olifant achter ons dichterbij komen. We kunnen ook gelijktijdig de sluis in. Na de sluis gaan we een ontbijtje pakken en ja hoor, zodra we aan de wachtsteiger afgemeerd liggen, ruik ik al snel de geur van gebakken eieren met spek. Deze dag is in ieder geval fantastisch begonnen.

Na het ontbijt de Oosterschelde op, richting Burghsluis. Het weer is goed, de wind is goed en de stroom is goed. Al genietend aan het roer stuur ik richting Zierikzee. Dit soort momenten zijn juweeltjes. Toch is Sjaak een beetje onrustig en nadat hij verschillende keren zich over de zeilaanwijzingen heeft bekommerd beweert hij dat we de KT1-EV2 drie keer moeten ronden. En dit had de eerste keer mogen zijn. Het roer om en toch even die boei mee nemen voordat we verder richting Burgh-sluis gaan. Even een goed moment om te realiseren dat je toch ook bij de les moet blijven.

Daarna het lange rak naar Burgh-sluis. De Ajangada loopt fantastisch. De wind trekt aan en zit nu nog in de goede hoek. Sjaak gaat even flink trimmen en door de toenemende wind neemt onze snelheid flink toe tot we in het geultje achter het Nunnenplaatje een paar keer tegen de 15 knopen klokken. Dit heb ik nog nooit meegemaakt. Ik vind het fantastisch.

Burghsluis is nog steeds bezeild. Wel krijgen we door de kromming van de geul de wind steeds meer van voren in combinatie met de meelopende stroom. Dat wordt zwaarder. De Ajangada gaat door zijn snelheid niet meer over de golven heen, maar er meer doorheen. En de golven komen soms met een snelheid van tegen de 15 knopen aan. Twee keer zoveel als bij “normale” snelheid. Na een paar keer door een golf gevaren hebben is het wel duidelijk. Het moet niet veel harder gaan waaien met deze koers.

In Burghsluis halen we even adem. Het was erg leuk om in dit tempo te varen en we hebben er behoorlijk van genoten. Toch zien we ook de grenzen van een boot als de Ajangada. Maar met de windverwachtingen is er weinig vuil aan de lucht. Met de snelheden die we in dit weer maken kunnen we rustig een dagje verwaaid liggen. Onze doelstelling is primair de tocht uit te varen en dat gaat lukken.

De Lila Meissies liep net de haven van Burghsluis uit toen wij erin kwamen. We hebben bewondering voor hun tempo. Die Hanze loopt wel heel snel. In Burghsluis pakken we een goede rustpauze en zien daardoor de Xtreme , de Njord en de Beau Bateau ook binnen komen.

Om halftwaalf gaan we weer verder, zo krijgen we de kentering als we door de Roompot en het groot Vuilbaard varen. Geen stroom mee, maar ook niet te wild water.  De wind is nog lekker op kracht en met de golven achter ons kan ons niet zo veel meer gebeuren. Weer zien we het log regelmatig over de vijftien knopen gaan. Het maakt het zeilen wel heel dynamisch. Zonder moeite kunnen we alle verplichte boeien ronden (de R34, de R15-SvK2 en de SVK-OZ), vaarwaters nemen (Schaar van Colijnsplaat) en overlopen doorkruisen (Overloop van Zierikzee). We passeren voor de tweede maal de KT1-EV2, we klokken 15.3 knopen op het log bij passage (record tot nu toe). We gaan richting St. Philipsland, via de Krabbenkreek. Door de meelopende stroom en de ruime wind zijn we in een kleine anderhalf uur van de R15-SVK2 bij de monding van de Krabbekreek.

Via de Krabbenkreek. Dat vind ik heel leuk. Ik sta al een tijdje ingeschreven bij de wsv Sint Annaland en binnen kort gaat het er toch van komen…, een ligplaats. En dan wordt het heel vaak de Krabbenkreek. Maar zo bewust er voor de eerste keer in varen is leuk.We zien lepelaars, scholeksters en zelfs een kluut. Een prachtig stukje Oosterschelde en het doet me denken aan mijn jeugd. Bijna elke zaterdag met Pa en onze sloep de Oosterschelde op, droogvallen op de zilverplaat, zagers steken en vissen. Ook toen al met een zeilbootje, dat volgens mij de vier meter lengte niet haalde.

In Sint Philipsland staat er nog niet veel water. Een paar keer vastlopend komen we met zwaard en roer omhoog, sturend op de motor toch bij de kade en Sjaak gaat rennend naar de kroeg om de kaart te posten. Zoals altijd gaat het bij hem naar de kroeg toe sneller dan terug (het kan ook aan zijn conditie liggen).

Terugkruisend door de geul loopt de boot weer perfect. Sjaak en ik raken goed op elkaar ingespeeld en het kruisen gaat als gesmeerd. Er komt wel weer een buitje over, maar door de bijbehorende windvlagen kunnen we lekker hoog varen en zijn weer zo bij Stalland en weer de Krabbenkreek uit. Onderweg nog de Lila Meissies groetend. Ik ben benieuwd of zij de kade al kunnen bereiken in Sint Philipsland. Zij steken toch wel dieper verwacht ik.

We praten even over onze strategie. Wat doen we? Gaan we de Grevelingen op of door naar het Volkerak. Gezamenlijk komen we tot de conclusie dat het lood om oud ijzer is. De wind blijft in dezelfde hoek zitten en met een kracht 4 a 5 kunnen we alles goed zeilen. Het maakt dus niet zoveel uit en we redeneren, dat, als we nu de Grevelingen opgaan, we, na het rondje en de verplichte rust, hoogstens een paar uur extra rust moeten nemen voordat we uit de Grevelingen kunnen schutten. Maar we hebben er dan al meer dan 80 mijl opzitten en dan mag een goede lange rust er ook wel zijn. We kiezen voor de Grevelingen en liggen om kwart over vier voor de sluis.

Ook het zeilen op de Grevelingen is mooi. De wind is wisselvallig, waardoor het soms weer te langzaam gaat, en dan weer te snel. Je voelt de Ajangada echt accelereren als er een vlaag komt. We reven en ontreven regelmatig.

Vanuit de Hals varen we de Vlieger met een wijde boog in. Er bijna aan voorbij gevaren. Je weet dat de geul komt. Je let goed op en toch ga je er bijna aan voorbij. We pikken hem goed op en verbazen ons over de afwisseling van de staken en de boeien, die elkaar niet serieus nemen en willekeurige plaatsen innemen. Door de Paardengeul varen we via het Springerssdiep naar Ouddorp

In Ouddorp maken we er weer een vliegende aankomst en start van. De ingang van het haventje is relatief smal en je moet meteen afvallen, nadat je de ingang bent gepasseerd. Maar met een accelerende Ajangada die ook nog verdomd breed is is het wel zaak om alert te zijn. Op een heel klein puntje fok de haven in. Het gaat prima. De havenmeester, die aan de tap bier staat te tappen, kijkt tamelijk verbouwereerd als ik hijgend het kaartje aan hem geef en zonder iets te nuttigen weer rennend het pand verlaat. Hij gaat dat de komende dagen nog vaker meemaken.

We starten door naar West Repart. De lucht ziet er donker uit en het belooft toch wel eerder donker te zijn dan gisteren. Vanuit Ouddorp varen we via De Val richting Post Zélande. Ondertussen uitgereefd en weer opnieuw gereefd. Dan via de Geul van Ossenhoek waarna we richting West Repart gaan. In restaurant de Dolfijn is men nog niet helemaal op de hoogte van wat er met onze briefkaarten moet gebeuren. Na enige uitleg begint er iets te dagen, de baas had iets gezegd…. Na  vertrek uit West Repart is het dan donker en met een flinke bui over ons heen valt het niet mee onze koers te vinden zonder verlichte boeien. We warmen een blik soep en eten dit met wat brood. De spanning bij donker en slecht zicht is erg groot. Voor een enkelromper is een aanvaring met een boei een vervelende zaak, je kan er een lelijke schade van oplopen. Bij een trimaran betekent de aanvaring met een boei een gebroken beam (verbindingstuk tussen hoofdromp en drijver) en dus einde seizoen en een goed gesprek met de verzekering. We zetten toch redelijk door en zijn nog voor tien uur weer terug bij de Grevelingen sluis.

We kunnen nu toch niet meer verder dan de eerste schut morgen, om 8 uur, dus we gaan echt even pauze maken. We zoeken lopend de jachthaven op voor een goede hete douche en na nog een flinke smak aan boord gemaakt te hebben is het kooitijd.

Dag 3. Weerbericht!!!!!

De volgende ochtend zijn we netjes op tijd voor de sluis. Na weerbericht geluisterd te hebben (verwachting voor morgen ZW6 mogelijk 7). We worden als eerste geschut, rustig de zeilen omhoog en even later is het tijd voor de Krammersluis. Dat duurt behoorlijk wat langer, maar stelt ons weer in staat om het ontbijt te vergroten met gebakken eieren met spek (dat kan die Sjaak toch wel verdomd goed hoor).

Om 10 uur het vaartje naar Oude Tonge in. Vlak voordat we de dijkdoorgang passeren zien we een schip eruit varen. De schipper roept dat er nog een hoop volgen. Zij zijn met een hele club en die komen dan ook stuk voor stuk eraan. En wij met onze breedte kunnen we er dus niet in. Dat is frustrerend. Terwijl er een gat in de colonne opdoemt schieten wij er toch in. Een goede keuze, maar de tegenliggers passerend lopen we toch regelmatig vast. Door wat  bodemmodder op te roeren kunnen we wel passeren. We maken zo alleen maar motorminuten terwijl we met een tergende snelheid van bijna twee knopen onze  tegenliggers proberen te passeren. Wij balen van het tijdstip dat we gekozen hebben, maar als je aan het eind van de dag er makkelijk invaart kom je de binnenkomers bij het uitvaren ook weer tegen. Het is gewoon domme pech.

Na oude Tonge de Volkeraksluis. We liggen te wachten aan de wachtsteiger en bespreken onze strategie. Plannen makend, hoe we verder kunnen en hoe we met de stroom in het Spui omgaan. De Ajangada heeft minder last van stroom als het echt waait, anders schiet het ook niet op. Tijdens het wachten en de discussie komt het weerbericht binnen. De wind zal waarschijnlijk op maandag en dinsdag een achtje kunnen worden. We gaan door met plannen maken. Ons rondje over Haringvliet en Hollands Diep dien en dan morgen een dagje Willemstad om de ergste wind over te laten gaan. Daarna naar Stavenisse, Tholen en dan de Westerschelde om…. Shit, dat redden we dus niet, dat trekt de boot niet op de Westerschelde met bft 7 a 8. Twee nachtjes in Willemstad haalt ook niet uit. Is dan het beste alternatief nu terug te gaan, dan ligt de boot netjes thuis, maar dan varen we hem niet uit. Dat kan niet, want we gaan hem mooi wel uitvaren. Maar dat lukt sowieso niet. Dan terug naar Veere. We geven het op. Nee, dat willen we niet.

Na een kwartier hakken we knoop door, melden ons bij Adri af en gaan terug naar Veere. Na een overigens heerlijke zeildag liggen we om 21:30 afgemeerd in Marina Veere, even een extra lijntje aanbrengen voor de komende wind en naar huis.

 

Terug

 

 

Reisverslag Duotocht 2004 ~ Ajangada

 

 

Home | Voor de leden | Duotocht | Evenementen | Informatie | Jachthaven | Jeugd | Links | Passantenboek | Sitemap

webdesign