|
De wekker in mijn gsm rukt me uit
mijn dromen. Het is vrijdag de 17e. Het is duotocht-startdag.
Snel opstaan. Nog een keer relaxed douchen en ontbijten.
Ja we doen weer mee, want de tocht
van 2003 was ons zo goed bevallen dat we de uitdaging om nu de tocht uit
te varen aannamen.
Het voorbereiden is misschien nog
wel leuker dan het eigenlijke varen; want je maakt je allerlei
voorstellingen hoe de organisatie het dit jaar weer in elkaar zal steken
en in wat voor gaatjes en geultjes we weer verzeild zullen raken.
Aan de stamtafel in het clubhuis van
VVW “Schelde” werden we al opgewacht door de vaste stamgasten. Wat een
verrassing “de Zeeteef” stond afgedrukt op de aankondigingposters.
Hopelijk kunnen we zo’n poster bemachtigen. Die laat ik inlijsten, leuke
herinnering!
De verhalen over vroegere races
kwamen los. Vooral het verhaal over een solorace met onverwacht
windkracht 10 heeft indruk gemaakt. Wat een ellende, op zee, meer onder
dan boven water. Schoten die letterlijk om je oren sloegen.
De weersverwachtingen van
Meteoconsult, KNMI en Meteo Zeeland geven op het Internet voor de
periode van de duotocht “rustig herfstweer” met windkrachten tussen 3
en 5 uit richtingen tussen west en zuid af.
De
Belgische weerberichten op internet voorspellen voor de komende dagen
windkracht 4, 5 en 6 en wat zon.
In ieder geval is de windrichting
geen reden om de tocht in een bepaalde volgorde te doen. Dus dit wordt
de tocht van ons leven.
Het is 16:00 uur. De briefing is
begonnen. Piet, Hans en hoofdregelaar Adri praten ons bij in het
clubgebouw.
Adri refereert ook aan de
desbetreffende solorace. Zo’n zelfde soort verhaal als we eerder die
middag al gehoord hadden aan de stamtafel.
Dit is geen toeval meer, wat staat
ons de komende dagen nog te wachten??
Het palaveren in het clubhuis is wel
heel gezellig, maar veel wijzer worden we niet.
Vroeger als verwacht kregen we de
zeilaanwijzing en ere wie ere toekomt: Het is een vernieuwde
zeilaanwijzing. Knap hoor Adri!
Het reglement hebben we uit ons
hoofd geleerd dus nu alleen nog de zeilaanwijzingen bestuderen.
Zoals beloofd zitten er een aantal
“nieuwe” havens in: Blankenberge en Paal, dat biedt nieuwe
mogelijkheden.
Na bestudering van de
Zeilaanwijzigingen heeft de Jagd bemanning de aanvangsopties overwogen
en de volgende conclusies gemaakt:
-
Start en naar Blankenberge is de meest
logische optie. 3 punten is erg aantrekkelijk. Maar wel een takke end
varen. Gezien de windverwachting te riskant SSW6. Dan lig je gevangen
in Blankenberge.
- Starten en naar de
Roompotsluis buitenom om dezelfde reden is geen optie.
- Start richting
Hansweert. Het is juist hoog water dus je kunt nu niet naar
Ellewoutsdijk (nog een uurtje stroom mee en daarna gelijk tegen + op
zijn vroegst 2 uur na hoog water bij Ellewoutsdijk aankomen). Als de
wind vervalt kom je weer in Vlissingen terecht.
Eerst
rusten en dan om 03.00 uur weg en Ellewoutsdijk ’s nachts doen en
aansluitend de Zuid Everingen en de boei voorbij Terneuzen? Twijfel of
het zal blijven waaien en er is geen maan om in het donker de
onverlichte haven van Ellewoutsdijk binnen te gaan. Paal mag niet voor
of na Ellewoutsdijk worden aangelopen en alle overige havens zijn
verplicht.
- Of richting het
Veerse Meer; maar dat leek ons niet zo leuk.
Na wat gepuzzel en het weerbericht
met elkaar te vergelijken besluiten we voor de mogelijkheid die ik van
tevoren voor de minst waarschijnlijke had gehouden.
We gaan door het kanaal, met de brug
van 17:30 uur.
Hier waren meer deelnemers op
gekomen. Met 9 van de 12 boten in konvooi op het zeil naar Veere
Tot de
Schroebrug in Middelburg varen we op de genua (de brug passages
uitgezonderd natuurlijk).
Bij de
Schroebrug lazen we nog eens goed de zeilaanwijzing. We braken ons hoofd
over de opmerking bij de verplichte vaarwateren “Indien van toepassing”.
Wat nou “Indien van toepassing”? Na een hoop gesteggel onder elkaar
pakte Cornelis de telefoon en belde Adri. Antwoord: Als je naar het
Veersemeer gaat is het verplicht achter de eilanden langs te gaan! Shit!
En wij denken dat het sowieso verplicht was. De eerste blunder van de
Duotocht is dus al gemaakt. Hoeveel zullen er nog volgen?
Wij
willen nog zo min mogelijke motorminuten maken. Dit gaat weer
allemachtig langzaam, wind achter de bomen zoals altijd. Dus na de
stationsbrug blijven de onderwaterzeilen erop tot Veere.
Ondertussen eten we een prakkie Bami. Met 4 duotochtboten tuffen we de
sluis in.
Voorlopig gaat het goed; een minimum aan motorminuten, een maximum aan
plezier en we gaan voorop de sluis uit.
Op het
VeerseMeer gingen we pas echt zeilen; grootzeil en genua hoog aan de
wind.
De zeilaanwijzingen geven aan dat er
tussen de eilanden Schutteplaat, Mosselplaat, Haringvreter enz. en
Noord-Beveland gevaren moet worden.
Inmiddels liggen we weer achterop,
is het donker en navigeren we op de computer. Gaat uitstekend. We willen
natuurlijk wel scherp langs de eilanden. Iets te scherp, want ten westen
van de Mosselplaat lopen we aan de grond. Na enig gerommel met de
zeiltjes en wat schudden met de boot glijden we weer het diepere water
in.
De wind is weer wat toegenomen en
het gaat uitstekend tot we weer iets te dicht bij de lage gronden komen.
Juist als we overstag willen gaan
knallen we weer op de plaat. Nu zitten we wat steviger vast. Wel
gelukkig op de hoge kant. We moeten drie kwartier klooien om weer los te
komen. Daarna gaat het met een stevige gang richting Arnemuiden. Na
talloze keren overstag te zijn gegaan, komen we precies uit tussen de
palen van de haveningang van Arnemuiden. Motor aan en heel voorzichtig
naar binnen. In de jachthaven van Arnemuiden liggen nog meer duotocht
lotgenoten. We bellen het meldnummer, posten de kaart, nemen een lekkere
borrel en gaan de slaapzak in. Dromend over verplichte en verboden
vaarwateren…..en …Arnemuiden + Stavenisse+Tholen+Oude-Tonge+Ouddorp+Zuidland+Hellevoetsluis
= 10 punten of is dit 9?
De Lila Meissies was ruim een half
uur eerder in de haven en omdat we daar langzij lagen, moesten wij ook
een half uur vroeger op, maar dat was de tijd voor het ontbijt.
Volgens mij moet ik gewoon gaan
slapen. Morgen weer een dag ……..
Zaterdag 18 september
Ontbeten met koffie en 9 minuten te
laat losgegooid. Voor de wind het geultje uit op alleen de fok en
eenmaal op het meer alle zeilen bij. Het waait nog steeds aardig, zuid
3.
Als je alle dagen bezig bent met de
aardse beslommeringen verbaas je steeds meer over de schoonheid van de
natuur; wat is het toch mooi om de zon op te zien komen en haar stralen
tegen de onderkant van de wolken zien knallen.
Om half acht varen we zonder
snelheid te minderen de sluis in en bellen Adri om hem hiervan getuige
te laten zijn.
Na veel wikken en wegen over stroom
mee en tegen, wind en smalle sluisjes hebben we besloten eerst Tholen
aan te lopen, omdat we die puntjes echt niet kunnen missen. De wind is
goed, hard in de buien die met enige regelmaat overkomen. We zijn in
no-time in de haven van de WV de Kogge. Ik ren over de dijk richting
clubgebouw. Wat blijkt nu, het pand staat leeg er is niemand te zien.
Dit is niet goed. Ik vraag het aan een voorbijganger. Het is verkocht en
staat dus leeg. Het havenkantoor is verhuisd naar een klein gebouwtje
aan het water, dus daar maar heen en posten onze kaart.
Terug naar het sluisje gaat wat
moeilijker. Om de minuut overstag. De rook komt uit de lieren, maar we
meren voorspoedig op het zeiltje aan de wachtsteiger. De vrouwelijke
sluismeester legt ons vriendelijk uit dat we zo aan beurt zijn. De
Schelde weer op; soms harde wind in de regenbuien, maar wonder boven
wonder, als we de Dortsman in gaan is het een lekker westenwindje.
De Dortsman is er kaboem…………..ja
hoor zovast als een huis. Alle trucks uit de doos: overboord hangen,
fokbak, aan de giek hangen etc etc. Niets mag baten. Dit kost tijd, veel
tijd. We liggen in de boeienlijn tussen D9 en D11. Dan maar verplicht
wachten op het opkomende water. Het schip zakt schever en schever en het
water zakt nog steeds. We liggen 60o scheef. Het is gelukkig
prachtig weer en ik pak mijn fotocamera. Schiet wat plaatjes van de
zandplaat, de vogels etc. Vier uur later zijn we weer los!
Wat heerlijk zeilen, met de zon op
ons gezicht net vakantie.
Op naar de boei K1-EV2 deze moest
drie keer noordelijk gepasseerd of gerond worden. Als we daar aankomen
begint het donker te worden. Al genietend aan het roer stuur ik richting
Zierikzee. Dit soort momenten zijn juweeltjes.
Hoog aan de wind veel opstuivend
buiswater in de Schaar van Colijn en daardoor zout op je bril.
De schipper vindt uit dat je je neus
het beste in het midden van je zakdoek kunt snuiten, zodat je met de
randen van de zakdoek je bril nog schoon kunt maken; je kunt dan met één
zakdoek toe. Met deze vinding gaan we van het najaar bij de
Waterkampioen een waardebon verdienen!
Burghsluis is nog steeds bezeild.
Wel krijgen we door de kromming van de geul de wind steeds meer van
voren in combinatie met de meelopende stroom. Dat wordt zwaarder. De
laatste slag brengt ons precies voor het groene bundeltje in het
sectorlicht van Burghsluis. Hier toch maar even de motor bij en na zes
minuten pruttelen liggen we vast. In Burghsluis liggen nog meer
duotochters. Bellen en kaartje posten.
Een hele lange leuke dag. Tijd om
weer eens te slapen
Zondag 19 september
Bij het wegvaren op het zeil blijft
er een landvast achter een plank op de steiger haken en bij de poging om
hem snel los te krijgen valt de schipper van de steiger in de haven,
helaas zonder eerst ingezeept te hebben. De landvast is wel los en de
maat vaart een fraaie bocht door de haven om de landvast die achter de
boot aan sleept niet in de schroef te krijgen; en dat alles zonder
leiding van de schipper, die gelukkig alleen maar nat is en een paar
boten verderop een laddertje gevonden heeft om uit het water te komen.
Na
Burghsluis terug door de Hammen naar de R34. De wind is
inmiddels nog wat toegenomen, zeker 5-6. Ook voor Zierikzee geldt
inmiddels een waarschuwing voor windkracht 6.
Het
gaat als een speer en we hebben goede hoop dat we alle geplande havens
en vaargeulen vandaag aan kunnen doen.
Het was erg leuk om in dit tempo te
varen en we hebben er behoorlijk van genoten. Toch zien we ook de
grenzen van een boot als de Jagd. Maar met de windverwachtingen is er
weinig vuil aan de lucht. Met de snelheden die we in dit weer maken
kunnen we rustig een dagje verwaaid liggen. Onze doelstelling is primair
de tocht uit te varen en dat gaat lukken.
Zonder moeite kunnen we alle
verplichte boeien ronden, vaarwaters nemen en overlopen doorkruisen. Na
de Zeelandbrug weer be-noorden de K1-EV2 langs. Dat was de 2e
keer!! Nog 1 keer. Die bewaren we voor op de terugweg.
Even
hadden we gehoopt Stavenisse aan te kunnen lopen, maar we zijn te laat.
Het is precies laag water als we daar aankomen en we kunnen niet meer
naar binnen. Dan maar op de terugweg.
We
hebben besloten van de gunstige wind te profiteren en eerst het
Haringvliet op te gaan. We laten Sint Philipsland aan stuurboord en de
Grevelingen aan bakboord liggen.
Richting Krammersluizen, Oude-Tonge,
Volkeraksluizen en dan naar Strijensas. Dit alles was goed te bezeilen.
In Oude-Tonge moest de “maat” nog wel even de mast in om het deklicht
weer vast te zetten. Dus een klim naar bijna de top. De lamp was
spontaan los geraakt, door het maken van de vele slagen.
Op de sluis staan mensen te kijken
met een vragende blik in hun ogen. Die weten natuurlijk niet dat wij bij
de jongens en meisjes van de duotocht horen; die gekken met dat gele
vlaggetje in het achterstag.
Strijensas. Even rekenen gaan we de
Oude Maas op of terug en dan via de Haringvlietbrug over ’t Spui. We
besluiten om ’t Spui te nemen i.v.m. stroom tegen op de Oude Maas.
Bij de Haringvlietbrug is het even
spannend past het of past het niet. Het kan net.
Met een stevig windje uit het westen
kruisen we de Haringvliet op, onderlangs de Tiengemeten
Vlak
voor de ingang van het spui treffen we de BeauBateau, zij gaan ook naar
Blinckvliet. Het haventje heeft een steiger voor passanten dwars achter
de ingang en we leggen gemakkelijk op zeil aan. De havenmeester heeft
gehoord dat het morgen windkracht 8 wordt; wij hadden tot nu toe niet
hoger als zes gehoord, maar we kunnen de hele middag al Ouddorp niet
meer of slecht ontvangen.
Na even bij gekletst te hebben in de
jachthaven gaan we weer samen weg op naar Hellevoetsluis. In
Hellevoetsluis staat een ontvangstcomité ons op te wachten. De oude
eigenaren van de Tanit staan op de steiger. Zij kunnen dit jaar helaas
niet meedoen.
We horen intussen weerberichten die
iets te veel van het goede voorspellen. Alle posten en stations zijn
eensluidend, namelijk stormachtige wind.
We besluiten de rusttijd in te laten
gaan en morgen om half zes verder te gaan.
Maandag 20 september
Jammer maar waar, nog voor de wekker
af ging merkten we al dat het een beetje woei. Eigenlijk wel heel hard.
Na het weerbericht van half zeven wisten we dat het moeilijk ging
worden.
We overleggen over de te ondernemen
strategie. We liggen in lagerwal en de wind op de meter varieert tussen
de 13 en 19 m/s. We besluiten ons goed voor te bereiden en nemen een
extra bakje troost. We overleggen nog eens met de bemanning van de ‘Lila
Olifant’ inzake de weersvooruitzichten voor de komende uren en dagen.
Die beloven iets te veel van het goede. We luisteren nog een keer naar
de synopsis van de Nederlandse Kustwacht om 08.05 uur. Alleen als dit
niet uitkomt kunnen we deze tocht veilig uitvaren. We besluiten om
te gaan en bij de Krammer de situatie opnieuw te beoordelen. We steken
een dubbel rif en slaan de high-aspect aan. Vestjes aan en we gooien
los.
Meer onder dan boven water komen we
bij de Krammersluis. We treffen daar de ‘Zeeteef’ aan en hoorde we van
Adri dat er al 5 boten om diverse redenen afgehaakt hadden.
Samen met een duwbakje hebben we een
vlotte schutting.
Zonder oriëntatie met de harde wind
en relatief weinig zicht besloten we de Vlieger te verlaten voor wat hij
was en door te varen naar Ouddorp. De ingang van het haventje is
relatief smal en je moet meteen afvallen, nadat je de ingang bent
gepasseerd.
Een bezorgd jurylid belt ons op en
gaande dit telefoongesprek besluiten maat en schipper dat het over is.
We blijken de laatste te zijn.
Ondanks dit vroegtijdig einde hebben
we toch weer erg genoten van de tocht (zaterdag en zondag was het
prachtige zeilweer) en we danken de organisatie voor het vele werk met
het uitzetten en de begeleiding.
Blankenberge en Paal erbij pakte nu
niet goed uit vanwege de harde wind. Het is een goed idee dat de
deelnemers wat meer verspreiden kan.
We hopen op een beter resultaat in
het komend jaar
Pieter Schipper en Cornelis de Maat
Met dank aan:
Bovengenoemd verslag is een
compilatie van alle bij mij ingeleverde journalen.
Hans
Vroegindeweij |