|
Duotocht
2006 – Guus
13 september – 18:00
uur
De schipper (Durk-Jan)
en maat (Jos, vader van Durk-Jan) worden voor een laatste degelijke maaltijd
afgezet bij het clubhuis van VVW de Schelde. Na te hebben ingescheept wordt
door Jos geconstateerd dat het nog steeds een mooi, maar klein, schip is,
zo’n Waarschip kwarttonner. De lezer moet hierbij weten dat Jos zelf, ruim
30 jaar geleden een Waarschip kwartton afbouwde. Voor die tijd een heel
schip, nu de kleinste deelnemer.
Door Durk-Jan is al
ruim van te voren de meest voor de hand liggende route bepaald. Hoog water
bij Vlissingen om 20:00 uur geeft voor ons beperkte mogelijkheden, zeker
gezien het feit dat Jos alweer 20 jaar niet meer heeft gezeild. Daarmee is
een start door het kanaal een verstandige keuze en is er even tijd om te
wennen aan het boot-gevoel.
De route zag er
voorafgaand aan de briefing als volgt uit: Vanavond door het kanaal door
Walcheren, ergens op het Veerse Meer overnachten (liefst in de thuishaven
Oranjeplaat) en dan al punten pakkende naar de Zandkreeksluis. Dan donderdag
de Oosterschelde op naar de roompotsluis met het tij mee. Dan buitenom naar
Stellendam en via Haringvliet, Spui, Dordtse Kil, Hollands Diep, Volkerak,
Oosterschelde, Kanaal door Zuid-Beveland en Westerschelde weer terug.
Cruciale vraag was natuurlijk nog welke verplichte havens er dit jaar in
zouden zitten…
Het leek een leuk
scenario, maar bij de briefing om 19:00 uur bleek dat de organisatie had
bedacht dat een verplichte getijdehaven niet nodig was, dat het Volkerak dit
jaar geen punten hoefde op te leveren en dat Burghsluis wel eens heel
gezellig haventje zou kunnen zijn. Bovendien had het havenkantoor van
Burgsluis een goede brievenbus, dus dat leek ze wel een geschikte verplichte
haven. Daarbij kwam nog eens dat voor donderdag een stevige 5 bft werd
afgegeven. Dat is voor een bootje van 7,25 meter op de Noordzee best hard
werken.
De plannen werden dus
meteen alweer iets bijgesteld. Iets dat overigens vaker zou gaan gebeuren
deze duotocht… De start bleef echter gelijk: het kanaal door Walcheren.
13
september – 20:00 uur

De start. Samen met nog
een aantal deelnemers hebben we een vlotte doorvaart door het kanaal. Hoewel
de wind uit de goede hoek komt is deze veel te zwak om te kunnen zeilen. Het
kost dus meteen wat motorminuten, maar om 22:00 uur zijn we op het Veerse
Meer.
Er is inmiddels een
beetje meer wind, dus kunnen Veere en Oostwatering aangedaan worden. In
Oostwatering, het is inmiddels na elven, nemen we onze rusttijd. Maar niet
nadat we een handtekening en een biertje bij het restaurant hebben gehaald.
De spanning en de hoge temperatuur geven echter niet de gewenste UITrusttijd.
14 september
Om ongeveer 6:30
vertrekken we weer. Op weg naar Kamperland lopen we meteen aan de grond als
Durk-Jan iets te veel risico neemt. De zeilen moeten naar beneden en met de
–boven formaat- pikhaak duwt hij zelf (dat dan ook weer wel) de boot van de
ondiepte af. Het kanaal naar de
handelshaven
van Kamperland is zowel heen als terug bezeild. Dat voelt goed! In
Kamperland ontwaakt net de bemanning van de Njord en in het kanaal komen we
verschillende andere deelnemers tegen. Na Kamperland moeten we boven de
eilanden een paar slagen maken. Er worden een paar fraaie foto’s van de
Progress gemaakt bij de zonsopkomst. Een klein uurtje later halen we in
Oranjeplaat een handtekening. Van Oranjeplaat naar Kortgene begint het met
een lekker lange slag boven Bastiaan de Langeplaat langs. Daarna is het
helaas weer pal in de wind. Dat is dus het vervelende van het Veerse Meer:
vaak tegen wind en dan is het te smal en te ondiep om lekkere slagen te
kunnen maken. De schipper ontpopt zich als de ideale maat, en heeft de
eervolle taak de grote genua keer op keer om te lieren. En dat omdat de maat
zijn rug wat moet sparen…
In Kortgene kan de
motor ongebruikt blijven en we spoeden ons naar de Zandkreeksluis. Hier ligt
de volledige vloot van deelnemers die voor een start via het Veerse Meer
heeft gekozen al te wachten. De sluis is gestremd wegens een technisch
mankement. Voor ons duurt dit extra oponthoud slechts een kwartiertje. Na de
sluis tikken we Kats aan voor een puntje. Vervolgens ontstaat er een
discussie aan boord over de volgende bestemming die nog eens wordt
aangewakkerd door enkele schijnbewegingen van de concurrentie. Na
aanvankelijk op Colijnsplaat te hebben aangekoerst beslissen we toch nog om
eerst Burghsluis als verplichte haven aan te doen. Nu staat er genoeg wind
en loopt het tij mee, dus lijkt dat het beste. Colijnsplaat bewaren we dus
voor de terugreis en onderweg kunnen we Zierikzee nog even meepakken.
Hoera! Het havenkanaal
van Zierikzee is zowel heen als terug bezeild. We bellen snel na het
passeren van de havenlijn met Adri. Gelukkig maar, want Adri snapt er niets
van. We zijn er zo snel achter dat Zierikzee dit jaar helemaal geen punten
oplevert!! Snel rechtsomkeert en verder de Hammen op. We kunnen de hele tijd
met de halfwinder voorop blijven varen. Daar waar we zien dat anderen de
spi’s moeten weghalen wanneer het te hoog aan de wind wordt, blijft ons
zeiltje mooi staan.
In
Burgsluis merken we dat het toch weer wat harder is gaan waaien en de koers
nodigt uit tot het zetten van de pas geleden aangeschafte High Aspect. We
zij erg content met dit besluit, want 5 mijl later moet er zelfs een rif in
het grootzeil getrokken worden. De wind trekt verder aan en hoog aan de wind
vliegen we naar Colijnsplaat. Bij Colijn moeten we een stukje tegen de
stroom in en de wind is ook alweer dusdanig afgenomen dat het rif er alweer
uit gaat. De golfslag blijft echter wel, en met een schip van 1200 kilogram
heb je daar veel last van. Ondanks de verder afgezwakte wind en de
vervelende golfslag besluiten we na Colijnsplaat verder te gaan richting
Stavenisse. Per slot van rekening hebben we ook nog een aantal uren de
stroom mee. Zoals de wind nu waait kunnen we hier met opkomend water mooi 2
punten halen en vannacht in St. Annaland overnachten.
Helaas. Na om 19:00 uur
de genua 1 weer gehesen te hebben zakt de wind bij het opvaren van de Keeten
totaal weg. Stavenisse is tij-technisch fantastisch aan te lopen nu, maar we
zijn bang hier kostbare tijd te verliezen om de strijd met zon en maan in
ons voordeel te beslechten en St. Annaland nog te kunnen halen. Om 23:00 uur
liggen we ter hoogte van de Krabbenkreek te drijven. We drijven en peddelen
de kreek binnen en lopen warempel nog zo’n 2 knopen ondanks de afwezige
wind. Jammer alleen dat er een vrijwel even sterke ebstroom is komen te
staan. De scheidingston die de ingang van de Krabben kreek markeert en sinds
de aanschaf van onze hydrografische kaart kennelijk van een ergerlijk
zenuwachtig knipperend groen lampje is voorzien, knippert ons bemoedigend
toe, maar naar onze zin wel veel te lang. Na verwoedde pogingen met peddels
besluiten we dat we twee opties hebben:
-
We laten ons met de stroom mee
terug drijven en zien wel waar we uit gaan komen.
-
We gooien ons anker uit en
wachten tot we verder kunnen
(optie c, de motor
starten, komt uiteraard niet eens ter sprake, want dat betekent
onherroepelijk diskwalificatie).
We besluiten voor optie
b te gaan. We ankeren net binnen de geul wanneer we in rap tempo een
visstaak dichterbij zien komen. We liggen meteen muurvast achter het anker.
De stormlantaarn wordt gehesen en de extra uurtjes slaap worden in de kuip
doorgebracht. Het blijkt een heldere avond te zijn. Helaas tellen de uurtjes
niet in de officiële rusttijd mee en de passerende binnenvaart maakt naar
onze smaak te veel herrie. Toch was dit een mooi moment in de duotocht van
2006.
Om 2:00 uur worden we
wakker van de opstekende wind. Het is nog geen laag water, maar we kunnen de
stroom ruim goed zeilen. Om 2:30 uur vangt onze officiële rusttijd in St.
Annaland aan. We kunnen terugblikken op een interessante dag….
15 september
Omdat de rust pas om
2:30 in ging en we wel rond hoog water bij St. Philipsland willen zijn wordt
er voor de kortst mogelijke rusttijd gekozen. Om 9:00 wordt er weer
losgegooid. We hebben dus een korte, maar net toegestane rust gehad.
Om 9:50 zijn we bij de
loswal van St. Philipsland. Onderweg komen we de Zeeteef tegen en terug nog
de Beau Bateau. We hopen dat ze niet te diep steken, want inmiddels is het
afgaand water. Omdat het heen in de Krabbenkreek al laverende voor Durk-Jan,
die toch echt als schipper te boek staat, flink werken was, is het nu terug
erg relaxed. Voor het lapje dus. Hoe komt het toch dat Durk-Jan steeds
wanneer er gekruist moet worden de genua moet bedienen? Afijn, er is nu
terug mooi de gelegenheid een ontbijtje met gebakken eieren en verse koffie
te maken en bovendien ook nog eventjes de afwas te doen.
Afgaand water op de
Krabbenkreek betekent ook afgaand water op het Keeten. En dit samen met een
Noord-Oosten windje maakt dat we eventjes flink mogen opkruisen richting
Krammersluizen.
Om 12:00 liggen we voor
de Grevelingensluis, waar we om 12:38 uur weer uitrollen. Omdat er op het
Volkerak dit jaar geen punten te verdelen zijn en we niet, zoals gisteren,
weer zonder wind op stromend water willen zitten, is dit rondje Grevelingen
een prima alternatief. De Grevelingen kwamen in het oorspronkelijke
masterplan niet voor, maar levert wel mooi 12 punten op!
Herkingen lopen we
prachtig aan de wind in. Om 13:15 lopen we er weer met ruime wind uit en
zijn we 2 punten rijker. Nu volgt een discussie over hoe we de Grevelingen
zullen gaan ronden. De aanwezige Noordoosten wind zou morgen een Zuidooster
worden. Als die voorspelling al eerder aan zou vangen, vanavond dus al, dan
is het Springersdiep een smal geultje om in te kruisen. Aangezien die nu nog
wel net hoog aan de wind te bezeilen is en we, als we dus tegen de klok in
gaan, ook langs de Brouwersdam alles kunnen bezeilen, kiezen we voor deze
optie. Zo gezegd, zo gedaan en eerst dus naar Ouddorp. Na een tweetal uren
spectaculair lekker zeilen komen we daar aan. In twee uur de Grevelingen
over; voorwaar niet slecht.
Rond 15:30 is er het
vertrek, het waait nog steeds stevig, richting Port Zelande. Nu gaat het
snel. Na Post Zelande liggen Middelplaat, West-Repart en Scharendijke dicht
bij elkaar. Helaas wel allemaal aan lage wal wat het veilig en zonder
brokken te maken binnenlopen lastig maakt. In West-Repart gaat het dan ook
bijna mis als Jos op de motor de boot de wind in wil draaien maar de boot
daar heel anders over denkt als de kop te veel wind gaat vangen. Het
beperkte gewicht van de boot en het gegeven dat de buitenboordmotor achter
het roerblad zit maakt manoeuvreren op de motor met deze wind tot een
hachelijke onderneming. Gelukkig vonden de eigenaren van de Hallberg-Rassy
waar we net niet tegenop varen maar dus wel netjes langszij komen het geen
enkel probleem en deelden zonder morren ook nog eens een handtekening uit.
Er moeten wel onvermijdelijk motorminuten gemaakt worden bij het uitvaren
van de lagerwal-haventjes.
Na Scharendijke wordt
de wind minder, maar gelukkig niet zo extreem als gisteren. De genua 1 kan
weer de plaats van de High Aspect overnemen als we uit Den Osse komen. Na
Den Osse zetten we koers naar Brouwershaven. Ook hier is de toegang beide
keren te bezeilen. Havenmeesters zijn zeldzaam deze dagen, maar ook hier
willen passanten we tekenen. Vanaf Brouwershaven is het eerst eventjes hard
werken in het geultje richting Bommenede. Als we rond 21:00 in het donker
Bommenede aandoen is het log de 100 mijl gepasseerd. Wellicht zijn het er al
iets meer, want de coaxkabel van het GPS heeft het vandaag zwaar gehad en
een stekkerverbinding moet nu en dan eventjes bewerkt worden. De “track-log”
zal wel wat hiaten vertonen als we hem thuis op de laptop uitlezen…
Vanuit Bommenede naar
de Grevelingensluis wordt volledig op het, dan goed werkende, GPS gevaren.
Geen lichtboei kan ons op de Grevelingen de weg wijzen. Voor Jos wordt dit
te spannend. 20 jaar geleden was er nog niet zulke apparatuur aan boord.
Durk-Jan echter, echt een kind van de moderne tijd, stuurt met
“fingerspitzen gefühl” keurig langs de blinde
tonnen op de koers die het GPS aangeeft. Jos op zijn beurt, zet de blinde
tonnen in het zonnetje met de schijnwerper en houdt zo de voortgang aan de
hand van de nummering een beetje bij.
Na een geweldige
zeildag komt pas om 22.30 uur de warme hap de kuip in. Snel en dankbaar
wordt deze gebruikt en om 23.00 uur worden de ogen gesloten. Vandaag veel
punten (14!) gescoord, en veel mijlen (50!) gemaakt.
16
september
De gedwongen lange
rusttijd, de Grevelingensluis draait pas om 8:00 uur, komt ons niet slecht
uit gezien ons nachtelijke avontuur gisteren voor St. Annaland en onze
beperkte totale rusttijd. Als de sluiswachter ons al om 7:50 het groene
licht geeft zijn we dus amper klaar om uit te varen. De Zeeteef komt juist
aanvaren en samen schutten we de Oosterschelde weer op.
Wij gaan echter
stuurboord uit waar zij toch nog,tot onze verbazing, richting Volkerak gaan.
Ons lijkt dit niet verstandig aangezien daar geen punten te verdienen zijn
en de wind ook niet bepaald gunstig is: NO 2… (Later zou blijken dat de
Zeeteef na de Krammersluis direct het Schelde-Rijnkanaal ingevaren is, en
daarmee juist een hele goede zet deed!). Wij hebben uitgezocht dat we nu
precies een uurtje voor hoog water bij Stavenisse uit komen, en die punten
hebben we eerder moeten laten liggen. Om 10:15 zijn we dan ook bij
Stavenisse. Op de dijk is het en drukte van jawelste met brandweer en
ambulance. Er zal wel een duiker in moeilijkheden zijn geweest. Wij zeilen
onverstoorbaar het kanaaltje door tot in de haven. Als de motor naar beneden
wordt gelaten zie je de bodem langzaam onder de boot doorschuiven. Die motor
omhoog en omlaag doen gaat overigens ook steeds minder van harte, 10 keer
per dag 30 kilogram heffen geeft natuurlijk wel sterke spierballen!
Na
de handtekening te hebben afgetroggeld van een passant kiezen we na het
verlaten van de haven voor een koers richting “de Val” bij de Zeelandbrug.
Hier binnen drijvende raken we nog even met de kiel een uitloper van de
Oostelijke havendam. Meteen de zeilen naar beneden en de motor vol gas
achteruit. Het is tenslotte op de havenlijn, dus de motor mag aan (bovendien
is het afgaand water, en dus is het zaak wel snel weer te drijven). Snel
zijn we weer los en we motoren verder het kommetje in. Na een handtekening
bij het restaurant te hebben gehaald motoren we weer het kommetje uit.
We hebben grote moeite Schouwen-Duiveland en de Zeelandbrug vrij te
dobberen. Het land vrijvaren lukt uiteindelijk, maar de Zeelandbrug komt wel
steeds dichterbij. Van enige roerdruk is geen sprake met deze weer
ingetreden windstilte. Van een veilige brugpassage kan dan ook geen sprake
zijn. Hoewel we dus normaal gesproken zonder motor te allen tijde de brug
zeilend kunnen passeren zetten we nu voor de veiligheid de motor bij.
Inmiddels is de wind
ook nog eens 180 graden gedraaid. We ruimen dus de halfwinder weer op en
hijsen de genua 1. Voor de haveningang van Zierikzee staan vreemde
stromingen en pas bij de splitsing Hammen – Roompot begint het water
rustiger te worden en trekt de wind weer wat aan. Het masterplan is nu om
met de stroom mee (iets anders was er gezien de beperkte wind voor ons niet
bij) naar Roompot marina en de Betonhaven te varen en daar uit te komen met
de kentering. Daarna weer met de stroom mee richting Zeelandbrug en dan via
Goesse Sas, Wemeldinge en het kanaal door zuid-Beveland vanavond in
Hansweert uit te komen.
De zeewind is nu
definitief opgestoken en we zeilen heerlijk, met maar 1 slag, de Roompot
door naar de Sofiahaven. De plannen lopen dus eindelijk zoals het hoort. In
de Sofiahaven pakken we voor onszelf een half uurtje pauze, vullen onze
flesjes drinkwater en gaan door naar de Betonhaven. De havenmeester van
Sofiahaven had niet eens uitleg nodig, kennelijk waren we niet de eersten
die hier langskwamen.
Naar de Betonhaven gaat
het boven verwachting goed in het geultje. Het grootste deel is in een keer
te bezeilen en het laatste stukje kost een paar slagjes. In de kom een paar
motorminuutjes en we nemen het enige nog lege plekje in aan de steiger. Een
vriendelijke meneer staat al klaar om een handtekening te zetten. Of wilde
hij eigenlijk alleen een lijntje aan te pakken? In ieder geval maken we even
een praatje. Het fenomeen “duotocht” was hem bekend en dus kwam die
handtekening ook wel. Zelf twijfelde hij er aan of de organisatie dit bewijs
wel zou accepteren. Een blik op zijn naam gaf aan waarom: Balkenende was de
naam.
Precies rond de
kentering varen we de geul weer uit. Buiten de geul zetten we onze
halfwinder weer. Deze gaat er rond 18:50 weer af omdat de wind weer eens
zover in zakt dat de genua nu beter in profiel zou blijven staan. De trim
wordt nog eens onder de loep genomen en op de stroming drijven we nu met 2
knopen over de grond, en dus 1 door het water richting de Zeelandbrug. De
plannen blijven nog steeds om Goesse Sas aan te doen, en daarna naar
Wemeldinge te gaan. Of dat laatste nog gaat lukken gezien de wind beginnen
we al te betwijfelen. Yerseke laten we al varen, met deze wind de
onverlichte en smalle geul bevaren lijkt ons geen slim plan.
Dit plan gaat dus niet
meer lukken. Bij Kats besluiten we dat 0,0 knoop geen zoden aan de dijk zet,
en peddelen Kats maar weer binnen. Geen punten wat ook op de heenreis waren
we hier al. Plan is nu om rond 5:30 weer te vertrekken en te hopen dat er
’s-morgens weer wat wind staat om alsnog ons masterplan ten uitvoer te
kunnen brengen.
17 september
Om 5:30 uur staat er
uiteraard nog geen zuchtje wind. We wachten tot 6:00 uur en daarna tot 6:30
en besluiten dat het dan genoeg waait om richting Goesse Sas te zeilen.
Onderweg begint er een windje op te steken en om 7:50 is Goesse Sas, waar
iedereen nog slaapt, een feit. We constateren dat het nog niet hard genoeg
waait om nu naar Wemeldinge en Hansweert te varen. Zeker als vanmiddag weer
de wind in zou zakken, wat gezien de twijfelachtige kwaliteit van de laatste
dagen niet verassend zou zijn, zou Vlissingen een onhaalbare missie worden.
We moeten dus capituleren en varen naar de Zandkreeksluis. Dit houdt in dat
we vandaag maar 1 schamel puntje kunnen halen omdat we op de heenreis alle
punten op het Veerse Meer al gepakt hebben.
De Zandkreek is lekker
hoog aan de wind vrijwel in één keer te bezeilen en om 9:25 uur liggen we
voor de sluis. Na een vlotte schutting waarbij we de sluis voor ons alleen
hebben, kruisen we het Veerse Meer over. Het is heerlijk zeilen vandaag en
misschien hadden we toch wat meer risico kunnen nemen. De wind lijkt er
vandaag ineens wel zin in te hebben… Jammer dus.
Het eerste stuk van het
kanaal door Walcheren beginnen we gelijk met de Racau. Nadat we beiden de
zeilen hebben gezet is al snel duidelijk dat we hier geen partij voor zijn.
We hopen dat 29 punten genoeg is om de prestatieprijs in de wacht te slepen
maar twijfelen hier meteen aan als we de snelheid van dit soort schepen
zien. Eigenlijk vinden we het best vervelend dat de wereld in de duotocht zo
oneerlijk verdeeld is, en we pleiten voor een handicapfactor. Al was de
handicap alleen maar gebaseerd op comfort aan boord!

Tot het Arne zijkanaal
is het bezeild. Vanaf daar tot aan de stationsbrug moet de motor aan. Zo ook
tot aan de Schroebrug, maar daarna kunnen we weer tot Souburg zeilen.
Ondertussen begint de evaluatie, en al snel wordt gesuggereerd dat we maar
eens een functioneringsgesprek, of zoals dat tegenwoordig heet, een
POP-gesprek, moeten voeren. Dan kunnen we meteen kijken waar wat
bijgespijkerd moet worden en wat volgend jaar beter moet.
Ondertussen worden de
bruggen 1 voor 1 gepasseerd. Vanaf Souburg wordt er verder gemotord en om
15:20 wordt er naast de Progress buiten de haven afgemeerd. We willen
wachten tot de officiële finishtijd, maar na een minuut of twintig wordt
duidelijk gemaakt dat we de resterende tijd ook wel in de haven mogen
doorbrengen.
Na het opruimen van de
boot en het bijwerken van de administratie wordt deze ingeleverd en wordt
onder het genot van een welverdiend biertje terug gekeken op een paar
geweldige zeildagen met veranderlijke wind. We wachten geduldig de
mosselmaaltijd af om te horen of we dit jaar we in de prestatieprijzen
vallen.
Durk-Jan en Jos
Lagendijk
Waarschip Kwartton
“Guus”
|