|
Vlissingse
uitvalshaven naar Belgische kust
door
NELLY DUIJNDAM
(Bron: Telegraaf/Vaarkrant 17
april 2004)
VLISSINGEN- Nederland houdt bij Vlissingen
op, maar het water gaat verder. Met 70.000 scheepvaartbewegingen is de
Westerschelde een drukke scheepvaartroute. De grote zee- en binnenvaartschepen
varen hoofdzakelijk in de vaargeulen, waardoor er voldoende veilige ruimte
overblijft voor de pleziervaart. Niet gehinderd door sluizen of bruggen zijn er
enorme afstanden te varen van Antwerpen tot ver op zee. Het is geen makkelijk
vaarwater. Men dient zich terdege voor te bereiden, maar het geeft een groots
gevoel met de grote zeeschepen op te varen en een ware zeebeleving te voelen.
Begin 14e eeuw werd op last van graaf Willem
III de haven van Vlissingen gegraven. Hier vandaar bevoer Michiel de Ruyter
alle wereld zeeën. Hij was geliefd bij zijn scheepsvolk en kreeg de naam 'Beste-vaer'.
Pleziervaart
Nog steeds worden vanuit Vlissingen alle
zeeën bevaren, maar voor de pleziervaart is Vlissingen vooral een uitvalshaven
naar de Belgische kust. De Belgische kuststeden Zeebrugge, Blankenberge,
Oostende, Nieuwpoort en Duinkerken zijn in een dag varend te bereiken. Ook voor
tochten naar Frankrijk en Engeland ligt Vlissingen zeer strategisch. Voor wie
dichterbij wil blijven, is een rondje Walcheren aantrekkelijk. Steeds met het
tij meekan het rondje via Hansweert, Oosterschelde, Roompot, Vlissingen in een
of twee dagen gevaren worden.
Waar vroeger de oude vissersschepen lagen,
is nu een moderne en ruime jachthaven gesitueerd, genoemd naar de Vlissinger
zeeheld Michiel de Ruijter. Direct gelegen aan de Westerschelde en omringd door
gebouwen als het Lampsinshuis en het Arsenaal draagt deze jachthaven bij aan de
maritieme uitstraling van Vlissingen. Het Lampsinshuis is na Amsterdam en
Rotterdam het grootste scheepvaartmuseum van Nederland en in het Arsenaal is
een expositie voor kinderen die geďnteresseerd zijn in alles wat op en aan het
water gebeurt.

Erfgoed
Havenmeester en eigenaar Guus Blankenburgh
is er veel aangelegen het Vlissingse maritieme erfgoed te behouden. "Niet
alleen Michiel de Ruijter is hier in Vlissingen geboren, ook het
admiralengeslacht Evertsen woonde er en was betrokken bij de strijd tegen
Spanjaarden, Engelsen en Fransen", vertelt Guus gedreven. De naam van het
havenrestaurant, dat een prachtig zicht heeft op de rede van Vlissingen, wil
hij wijzigen in 'Grandcafé Evertsen' en de inrichting moet met modellen van
historische schepen en schilderijen van de Zeeuwse admiralen, een historische,
maritieme uitstraling krijgen.
Hij denkt echter ook aan de toekomst. Hij
is; tevens importeur van de comfortabele en luxe CR Yachts.
Stormvloeddeuren
De jachthaven is beschermd door
stormvloeddeuren, die in de winter en tijdens extreem hoog water dichtgaan. In
de winter biedt de haven daarom plaats aan vaste liggers of overwinteraars. Een
drempel is er de oorzaak van dat diepstekende schepen bij springtij rond
laagwater de haven niet in of uit kunnen varen. De haven ligt in het centrum
van de stad, waardoor het een prima plek is om te foerageren en uit te gaan.
Verder weg van het centrum, ligt in het
Kanaal door Walcheren, de verenigingshaven “Schelde”. De vereniging bestaat al
70 jaar en is daarmee een van de oudste watersport verenigingen van Nederland.
Gescheiden van de Westerschelde door een sluis biedt deze vereniging een
getijloze, rustige en gezellige haven aan leden en passanten. “Het
aantrekkelijke van Vlissingen is de levendigheid in de havens. Het is een komen
en gaan van loodsboten, betonningsvaartuigen, zeeslepers, vissersschepen,
vrachtschepen en jachten. Het veer Vlissingen - Breskens is door de
Westerscheldetunnel voor auto's overbodig geworden, maar voor fietsers en
voetgangers vaart het veer nog elk half uur. Vanaf de boulevard kun je de grote
zeeschepen bijna aanraken, zo dichtvaren ze onder de kust", vertelt Bram
Burgers, die hier de havenmeester is en tevens, samen met zijn vrouw, uitbater
van bet clubhuis “de Klip”. De “Schelde” wordt gerund door vrijwilligers, die
als motto hebben: tijd voor elkaar en onze gasten. Er heerst dan ook een
gemoedelijke sfeer en men helpt elkaar waar nodig. "We krijgen hier mensen uit
Frankrijk, Engeland, België en Duitsland. Allemaal op doorreis. Ze kunnen
altijd bij ons terecht met vragen en we maken ze wegwijs op onze wateren. Ook
komen er veel motorbootvaarders.
Slechts een klein deel hiervan gaat de
zee op en dan vaak alleen maar om in België goedkope diesel te tanken", vertelt
Bram, onderwijl een pilsje tappend. In het clubhuis ligt veel
informatiemateriaal over de omgeving en de website geeft veel tips over
nautische zaken. De haven ligt weliswaar wat verder van de stad, maar in het
clubhuis kan lekker gegeten worden en in de zomer komt de bakker aan de haven.
|